Hij is er niet meer…

Hij is er niet meer…

“Ik moet op pad blijven gaan… thuis ga ik zo piekeren… en dan denk ik steeds: hij is er niet meer! Hoe is mij dat nou overkomen?” Ze moet het aan me kwijt.
“En thuis, hè… alles is thuis gebeurd… in ons bed. En dan denk ik… was hij maar in het ziekenhuis doodgegaan, dan had ik thuis nog. Maar nu moet ik er de hele tijd aan denken… nou, da’s niet leuk hoor!”

Haar wasje draait achter haar. Op de stoel voor de wasmachine drinkt ze haar wekelijkse kopje koffie. “Ja, suiker en melk graag en doe er maar extra veel melk in hoor, schat!”

Haar gezicht is grauw en getekend door het leven. Haar ruime bruine jas van namaakleer heeft witte slijtplekken bij de mouwen en de kraag. De zoom hangt aan de achterkant een beetje los. Haar portemonnee en sleutels bewaart ze in een plastic tasje, dat naast haar op de tegelvloer ligt. Ze maakt een vermoeide, verslagen indruk.

Eerder vertelde ze me dat ze al meer dan 30 jaar in de wasserette komt. Toen ze nog werkte als schoonmaakster en ze haar kinderen grootbracht deed ze de was altijd snel tussen alles door. Nu is de was een reden geworden om even het huis uit te gaan, een praatje te maken en een kopje koffie te drinken.

“In de herfstvakantie ga ik voor de laatste keer naar de camping. Nou ja, voor dit seizoen dan, hè. Mijn kinderen en kleinkinderen komen dan ook. Vinden ze gezellig. Je hebt er alles in het campingwinkeltje hoor: kroketten, patat en dat soort dingen. En dan weer sparen hè? Want wie heeft er nou zo maar 2 ruggen? Dat is wat hoor, dat staangeld voor de caravan. Ik vind het erg veel geld. Nou ja, dat zien we dan wel weer.”

“Morgenavond ga ik met een vriendin naar de Bingo. Daar kijk ik erg naar uit. Ze hebben van die leuke prijsjes daar; je wint altijd wel wat. Vorige keer had ik van die potjes groenten gewonnen en Wicky, weet je wel, van die drankjes. Leuk hoor. En je bent er weer even uit hè?”

Ze doet haar schone, opgevouwen was in de blauwe boodschappentas. “Dat was het weer voor deze week.” “Dag schatje!” Langzaam sjokt ze de winkel uit.