Een zakdoekje en een aardig meisje

Een zakdoekje en een aardig meisje

Wekenlang lag er een achtergebleven zakdoekje in de wasserette; een opvallend mooi dameszakdoekje met bloemen en vlinders erop. Het lag eerst op een zichtbare plek bij de vouwtafel; later werd het in het gevonden-voorwerpen-bakje onder de balie gelegd, tussen vergeten sokken en onderbroeken. Ik had wel een vermoeden van welke mevrouw het was, maar ik had haar al een tijd niet meer gezien.

Tot vandaag. Als ze de winkel inloopt spreek ik haar direct aan: “Goedemorgen, is dit misschien uw zakdoekje?” “Oh ja”, antwoordt ze verrast. “Dank u wel!” ”Wat is ‘ie leuk, he?” voegt ze eraan toe. Met twinkeloogjes kijkt ze me aan.

Ik had het zo goed onthouden omdat het zakdoekje zo perfect past bij deze mevrouw. Bloemen en vlinders. Zacht en vrouwelijk. Ze heeft haar haar altijd netjes gekapt, in de winter draagt ze iets charmants op haar hoofd wat tussen een muts en een hoed in zit. Als het regent bedekt ze haar keurige ‘coiffure’ met een plastic kapje. Haar gerimpelde gezicht is zorgvuldig gepoederd en ze draagt altijd nette kleding en schoenen. Ze beweegt zich waardig en zorgvuldig en heeft zo haar eigen rituelen. Als ze bijvoorbeeld haar was in de machine heeft gedaan en klaar is met afrekenen, checkt ze altijd haar outfit in de spiegel naast de entree voordat ze de winkel uitloopt. “Hoe oud je ook bent, je blijft je best doen”, zo lijkt haar motto te zijn.

Daarna gaat ze steevast koffie drinken met een chocolaatje bij de overburen. Daar verheugt ze zich op, vertelde ze me eerder weleens. Een leuk uitje. Lekker en gezellig.

Vandaag doet ze iets onverwachts als ze van de koffie terugkomt en haar was in de droger gaat doen. Ik ben ondertussen beddengoed aan het mangelen en let niet zo op haar. Ze scharrelt een beetje met haar was tot ze opeens op me af stapt en tegen me zegt: “Ik vind jou een heel aardig meisje!” Verrast over haar opmerking antwoord ik dat ik haar ook een hele aardige mevrouw vind. Ze haalt een zakje snoep uit haar tas en geeft het aan me. “Zonder suiker” voegt ze eraan toe. Ik bedank haar uitvoerig en zeg dat ze mijn dag helemaal goed heeft gemaakt. En dat is ook zo. Het zijn de pareltjes van dit werk. Op mijn vierenveertigste nog een aardig meisje genoemd worden. Het compliment steek ik, samen met de snoepjes, lekker in mijn zak!

Toen Joeri van Beek een bijbaantje zocht naast haar kunstenaarschap ‘Schoonheid van het Niets’ kwam ze bij een wasserette/stomerij terecht. Na een tijdje gingen de wassen tegen haar ‘praten’: welke persoon zal er achter die ene was zitten, wat is zijn of haar verhaal? Zo zijn de verhalen van ‘WASGOED’ ontstaan.