Beddengoed

Beddengoed

Vrijdagochtend. Ik trek mijn persoonlijke uniform aan: zwart t-shirt, donkere spijkerbroek en witte sportsokken. Het laatste setje. Morgen de was weer ophalen bij de wasserette.
Even opletten vanavond. Vorige keer toen ik die vrouw ’s avonds toch nog uit de kroeg mee naar huis nam, keek ze met opgetrokken neus naar mijn afgehaalde bed. “Heb je geen beddengoed, dan”? vroeg ze. Ik vertelde haar dat dit bij de wasserette was en dat ik dan altijd één nacht moet overbruggen. Het werd helaas niet meer zo gezellig als ik had gehoopt en vroeg in de ochtend vertrok ze weer naar haar eigen huis. Nou ja, zo’n truttige zeur, daar zit je toch ook niet op te wachten?

Ik moet aan vroeger denken, toen ik nog getrouwd was met Tiny en alles nog op rolletjes liep. Toen deed zij de was meestal en hadden we altijd fris beddengoed op ons bed. Ik pak een oude foto uit mijn bureaula. Hij heeft gaatjes in de hoeken van het eerdere ophangen en is ietwat beduimeld. Het valt me op dat ik andere kleren droeg. Vrolijker, optimistischer. Met een Hawaii-overhemd, zwembroek, het zout nog in de haren van een lange stranddag heb ik mijn arm losjes over haar schouders geslagen. Zij draagt dat gele strapless jurkje dat die zomer haar lieveling was. Vol vertrouwen in een mooie toekomst kijken we samen de lens in. Wat ben ik stom geweest om dat alles voor lief te nemen en zomaar te vernietigen.

Misschien is het toch handig als ik in de stad een nieuwe set beddengoed koop om te wisselen. Dat opperde mijn zus laatst ook al. Koop ik meteen wat extra sokken en onderbroeken. Eerst even een jointje roken. Ontspannen is ook belangrijk. De rest komt morgen wel…